Kamerbrief resultaten en stand van zaken onderzoeken kinderopvang

Staatssecretaris Van Ark informeert de Tweede Kamer over de resultaten en de stand van zaken van een aantal onderzoeken kinderopvang die zijn en worden uitgevoerd. Het eerste onderzoek bekeek hoe ouders informatie over kinderopvang vergaren en welke informatiebehoefte zij hebben. Het tweede onderzoek gaat zich richten op het stimuleren van het gebruik van dagopvang door kinderen van ouders met een lage sociaal-economische status.

Informatiebehoefte van ouders

Uit het onderzoek, uitgevoerd door Motivaction, blijkt dat ouders tevreden zijn over de beschikbaarheid van informatie over kinderopvang. Voor toekomstige ouders is de periode tussen 13-30 weken zwangerschap de ideale periode om informatie te ontvangen over kinderopvang. Naast de kinderopvanglocatie zelf, en de directe omgeving, wordt ook de overheid gezien als een belangrijke bron voor informatie over kinderopvang. (Toekomstige) ouders willen vooral graag één centraal online informatiepunt.

Eind 2019 komt Van Ark terug op eventuele vervolgstappen naar aanleiding van dit onderzoek. Zij betrekt daarbij ook de doorontwikkeling van In-één-oogopslag. ‘In-één-oogopslag’ is een overzichtelijke, visuele samenvatting van het inspectierapport van de GGD-toezichthouder, bedoeld om ouders eenvoudig een goed en betrouwbaar beeld te geven van de kwaliteit van een opvanglocatie.

Gebruik dagopvang door kinderen van ouders met een lage sociaal-economische status

Eerder beloofde Van Ark te onderzoeken hoe kan worden gestimuleerd dat ouders met een lage sociaal-economische status (SES) kiezen voor formele kinderopvang. Ze meldt nu dat dit onderzoek uitgevoerd wordt door Tabula Rasa en zal bestaan uit twee delen.

Het eerste deel van het onderzoek richt zich op het inzicht krijgen in de oorzaken waarom ouders met een lage SES minder vaak gebruik maken van formele dagopvang. Ook wordt gekeken naar de factoren die kunnen bevorderen dat deze groep ouders gebruik gaan maken van formele dagopvang. Op basis van deze kennis worden mogelijke interventies opgesteld die kunnen bevorderen dat ouders met een lage SES meer gebruik gaan maken van formele dagopvang.
Vervolgens bepaalt Van Ark in samenspraak met Tabula Rasa of (een van de) interventies ook uitgevoerd gaat worden. Als dit zo is, is het doel van het tweede gedeelte van het onderzoek om inzicht te krijgen in de resultaten en effecten van deze ingezette interventie(s).

Lees hier de volledige brief aan de Tweede Kamer.