Verzamelbrief Kinderopvang maart 2018

Op 8 maart stuurde staatssecretaris Van Ark (SZW) de Verzamelbrief Kinderopvang maart 2018 naar de Tweede Kamer. In deze brief gaat zij in op de voortgang van verschillende trajecten die werken aan een goede, veilige en toegankelijke kinderopvang. Hieronder een aantal belangrijke ontwikkelingen uitgelicht. 

De pilots IKK nader bekeken

In het Akkoord Innovatie en Kwaliteit Kinderopvang (IKK) zijn de pilots innovatieve opvang opgenomen. Doel van deze pilots is het nagaan of en hoe vernieuwde pedagogische concepten in combinatie met minder gedetailleerde eisen de kwaliteit van de kinderopvang verbeteren. Aangezien de nieuwe wetgeving  per 1 januari 2018 is ingetreden en een deel later volgt, is de tijd volgens de staatssecretaris nog niet rijp voor dergelijke pilots. In de brief licht zij dit toe met drie redenen. Bij de evaluatie van de nieuwe wet, bekijkt zij of en op welke wijzen de pilots IKK in de toekomst gewenst zijn.

Vaste gezichten criterium en onvoorziene omstandigheden

In de sector kinderopvang zijn veel vragen ontstaan over de wijze van toezicht op het vaste gezichten criterium. Het kan lijken dat de toezichthouder geen rekening kan houden met onvoorziene situaties bij het beoordelen of voldaan is aan het vaste gezichtencriterium.
SZW, GGD GHOR Nederland en VNG zijn het erover eens dat er situaties zijn die door de houder niet voorzien hadden kunnen worden, die effect hebben op de wijze van naleving van het vaste gezichten criterium. In onvoorziene situaties kan de houder niet verweten worden dat hij niet voldoet aan de wettelijke eis. De toezichthouder moet de ruimte hebben om tijdens de inspectie te constateren dat er door onvoorziene omstandigheden geen overtreding is op de vaste gezichten eis. Daarbij worden de specifieke omstandigheden die de toezichthouder aantreft altijd in het inspectierapport opgenomen. Situaties van vakantieverlof, studieverlof en langer durende ziekte zijn geen onvoorziene situaties. De staatssecretaris neemt deze werkwijze, in overleg met GGD GHOR Nederland en VNG, op in de Beleidsregel werkwijze toezichthouder kinderopvang. Bovendien worden gemeenten en GGD’en gevraagd in de geest van bovenstaande werkwijze te handelen totdat de beleidsregel gereed is.

In 1 oogopslag een samenvatting van inspectierapport

In het Landelijk Register Kinderopvang (LRK) vinden ouders informatie over geregistreerde kinderopvanglocaties. Ook kunnen ze het inspectierapport van de GGD bekijken met daarin de resultaten van een inspectie. Vanaf 12 april staat in het LRK ook een samenvatting van het inspectierapport. Deze samenvatting bevat de belangrijkste inspectieresultaten. Zo zien de ouders in één oogopslag de bevindingen van de inspectie over een kinderopvanglocatie. Dit kan hen helpen bij het maken van een keuze voor een opvang of om met de huidige opvanglocatie in gesprek te gaan.

Eisen buitenspeelruimte blijven zoals ze nu zijn

Individuele gemeenten en ondernemers hebben eind 2016 zorgen geuit over de onduidelijkheden van de huidige eisen voor de buitenspeelruimte. Naar aanleiding van deze signalen is er in het Besluit kwaliteit kinderopvang een verduidelijking van de eisen aan de buitenspeelruimte opgenomen die vanaf 1 januari 2019 in werking zou treden.  In de afgelopen periode hebben de sectorpartijen gekeken naar casussen uit de praktijk. Op basis van deze casussen hebben zij geen signalen gekregen dat de huidige eisen aan de buitenspeelruimte tot problemen leiden in de praktijk. Daarom adviseren zij unaniem om de huidige eisen niet aan te passen. De staatssecretaris vindt het belangrijk dat het aanpassen van een eis problemen in de praktijk oplost. Ze heeft besloten het advies van de sectorpartijen op te volgen en de eisen aan de buitenspeelruimte te laten zoals ze nu zijn.

In de verzamelbrief wordt verder aandacht besteed aan alternatieve ouderraadpleging en het aanbod van peuteropvang in gemeenten.

Lees de volledige verzamelbrief hier.